Mazlum werd in 1964 als gastarbeider naar Nederland gehaald voor het zware en vuile werk dat Nederlanders niet wilden doen. Sinds de dood van zijn vrouw Gülizar leeft hij alleen en ervaart hij de gevolgen van ouderdom, eenzaamheid en dementie.
Vandaag is het Offerfeest. Mazlum wacht op zijn kinderen, maar de tijd verstrijkt. Wanneer hij de hoop opgeeft dat ze nog komen, gaat de deurbel. Vol verwachting rent hij naar de deur, maar daar staat zijn verzorgster Sevgi, die deze dag ook niet alleen wil doorbrengen. Mazlums teleurstelling slaat om in verwijten en vragen. Hun ontmoeting groeit uit tot een confrontatie over verantwoordelijkheid en veranderende familieverhoudingen.
De confrontatie schept ruimte voor het delen van persoonlijke herinneringen en ervaringen uit hun eigen verleden, waardoor ze elkaar onbewust een spiegel voorhouden.
Na de confrontatie trekt Mazlum zich terug in stilte en kijkt naar buiten. Op de parkeerplaats ziet hij witte busjes die volgens Sevgi arbeidsmigranten uit Oost-Europa vervoeren. Ze herinneren Mazlum aan de groene busjes die hem vroeger van en naar het bedrijfspension brachten.
De busjes herinneren Sevgi aan haar opa. Met trots vertelt ze hoe hij haar hielp bij haar werkstuk over de komst van Turkse en Marokkaanse gastarbeiders naar Nederland. In de arbeidsmigranten uit Oost-Europa, die nu het zware en vuile werk doen, herkent Sevgi de gastarbeidersgeneratie. De parallel tussen toen en nu roept de vraag op: kan de mens achter de arbeid werkelijk aarden in een land waar hij wel om zijn arbeid wordt gewaardeerd, maar zijn oorsprong en identiteit niet worden erkend?
Praktische informatie
Datum, tijd, plaats en entree volgen. Taal: Nederlands (ook in het Turks)
Cast & crew
Tekst en regie: Imam Hasan Çakmak Spel: Damla Yürü & Imam Hasan Çakmak Muziek: Suat Aydemir